Reglement
diverse onderlinge wedstrijden
van de Limburgse districten
Gewijzigd
17 januari 2012
Ladycup (aantal
caramboles bepalen aan de hand van de moyennetabel Dames van de KNBB)
·
Voor
het spelen van de Ladycup moeten de speelsters voor de voorronde opgegeven
worden met het moyenne zoals dat geldt bij aanvang van de 2e helft
Landscompetitie teams (bij minimaal 4 partijen). Dit betekent dat dit of het
aanvangsmoyenne is of het herzieningsmoyenne zoals bepaald in het competitie
reglement van de KNBB Carambole vereniging.
·
Voor
de Limburgse finale geldt het moyenne dat behaald is in de districtsfinale.
Indien er geen districtsfinale is gespeeld, dan wel in de districtsfinale
minder dan vier partijen zijn gespeeld, geldt het moyenne zoals bepaald in de 1e
bullit.
·
De
Limburgse finale Ladycup staat in principe gepland in het 1e weekend van juni,
maar de exacte datum wordt op de Limburgse vergadering voorafgaand aan het
betreffende seizoen vastgelegd.
·
Bij
een gelijk aantal matchpunten in de eindstand is het percentage caramboles
bepalend voor de rangschikking.
Jeugdbokaal
·
Voor
de deelnemers aan de Jeugdbokaal, voorronde in het district of Limburgse finale
dienen de spelers opgegeven worden met het moyenne zoals dat geldt bij aanvang
van de 2e helft Landscompetitie jeugd of senioren. Dit betekent dat óf het aanvangsmoyenne van de competitie óf het herzieningsmoyenne na de 1e helft
competitie (bij minimaal 4 partijen), zoals bepaald in de reglementen van de
KNBB, voor de Jeugdbokaal gebruikt wordt. Indien er
geen landscompetitie moyenne bekend is dan geldt het PK moyenne. Indien ook dit
niet bekend is geldt het moyenne dat behaald is in eventuele voorwedstrijden.
Er vindt voor de Limburgse finale dus géén herziening
van het moyenne plaats.
·
Bij
een gelijk aantal matchpunten in de eindstand is het percentage caramboles
bepalend voor de rangschikking.
·
De
finale van de Jeugdbokaal staat in principe gepland in het 1e weekend van mei
(niet eerder omdat dan de districten nog geen deelnemers kunnen opgeven), maar
de exacte datum wordt op de Limburgse vergadering voorafgaand aan het
betreffende seizoen vastgelegd.
Bandstoten 6e
klasse
·
Hieraan
kunnen spelers(sters) deelnemen die een Bandstootmoyenne hebben tot 0.500. Van
ieder district worden 2 deelnemers afgevaardigd naar de Limburgse finale die
met 6 deelnemers verspeeld wordt op 2 dagen. De Limburgse finale dient bij
voorkeur gespeeld te worden voordat de PK voorrondes Bandstoten 5e klasse in de
diverse districten plaatsvinden (begin november), zodat deelnemers aan de
finale 6e klas bij promotie nog deel kunnen nemen aan de PK
wedstrijden Bandstoten 5e klasse.
·
Maatgevend
is het hoogste van onderstaande moyennes:
Ø
moyenne
behaald in de districtfinale 6e klas bandstoten,
Ø
moyenne
behaald in de bandstootcompetitie van het voorafgaande seizoen.
Bandstoten teams
·
De
zogenaamde omrekentabel is komen te vervallen.
·
Om
het aanvangsmoyenne te bepalen dienen nieuwe
spelers vier testpartijen te spelen van 30 beurten elk. Het algemeen moyenne
dat hieruit voortkomt is het aanvangsmoyenne voor de bandstootcompetitie.
·
Nieuwe spelers worden na 4 wedstrijden herzien.
·
Spelers worden op de helft niet herzien, dit omdat
er maar 10 wedstrijden gespeeld worden.
·
Het eindmoyenne van de competitie is het
aanvangsmoyenne van het nieuwe seizoen.
·
Spelers worden tijdens de lopende competitie niet herzien en ook voor de wedstrijden
in de Limburgse finale worden ze niet herzien. Spelers spelen dus het hele seizoen op hun
aanvangsmoyenne.
·
De finale bandstoten teams staat in principe
gepland in het 1e volle weekend van juli, maar de exacte datum wordt op
de Limburgse vergadering voorafgaand aan het betreffende seizoen vastgelegd.
Roulatieschema
·
De
organisatie van de Limburgse vergadering en de betreffende finales vind plaats
volgens een roulatieschema.
·
Het
district dat in het betreffende seizoen de Jeugdbokaal organiseert heeft ook de
organisatie van Bandstoten 6e klasse.
De
besturen van de districten Venlo e.o., Zuid-Limburg
en Maastricht. Ingangsdatum
1 juli 2011